Fairtrade goud: getuigenis

Peru

Mijnwerkers werken in een mijn die via tunnels in de zijkant van een berg is gegraven. Ze moeten lichamelijk in goede conditie zijn om in de mijn te werken en tot de onderste verdiepingen door te dringen. Ze gebruiken dynamiet om een deel van de rotsen op te blazen en dan graven ze verder met de hand of een pneumatische boor op zoek naar erts, dat daarna aan de oppervlakte wordt gesorteerd. Van buitenaf wordt er lucht naar de onderste delen van de mijn gepompt om ervoor te zorgen dat de mijnwerkers veilig kunnen werken.

De ambachtelijke en kleinschalige mijnbouw trekt economisch zwakke en kwetsbare arbeiders uit de stad en vanop het platteland aan. De mijnwerkers wonen met hun gezin in een nederzetting in de buurt die is opgericht door kleinschalige boeren, werkloze en landloze mensen die zijn gevlucht voor geweld in andere streken van Peru en die informeel goud zijn beginnen ontginnen. Er zijn 500 gezinnen die van de mijn leven.

Het partnerschap met Fairtrade

Als gevolg van de economische crisis in Peru in de jaren 1980 trokken veel mensen naar de streken waar goud werd ontgonnen, zoals de Atacamawoestijn, op zoek naar werk. Na de oprichting van de coöperatie begon de groep te werken aan het uitbannen van kinderarbeid. De coöperatie probeerde ook de internationale arbeidsnormen te volgen, die vandaag de basis vormen van de Fairtrade en Fairmined standaard voor goud. Een inwoner van het dorp legt uit: ‘Zolang de omstandigheden niet veiliger waren, konden de vrouwen en kinderen niet bij de mijnwerkers wonen. We hebben geleerd dat kinderen niet moeten werken maar naar school moeten gaan’.

In de Atacamawoestijn kan het overdag erg warm worden en er valt weinig regen in dit gebied met hoogtes tot meer dan 2.000 m. Daardoor is de toevoer van zuiver water niet verzekerd. De coöperatie heeft nu de toestemming om gebruik te maken van een droogvallende bron om de gemeenschap en de verwerkingsinstallatie van water te voorzien. Vroeger ruilden ze gedeeltelijk verwerkt erts met kleine hoeveelheden goud erin voor water, maar dit is nu niet langer gebruikelijk. Het water wordt geleverd in wekelijkse rantsoenen in vaten, maar soms is dat water niet behoorlijk gezuiverd en dat veroorzaakt ziekte. ‘Vroeger sjouwden mijnwerkers vaten van bijna 20 liter water om te koken, maar er was niet genoeg water om te wassen. Als het water uitgeput raakte, moesten ze vertrekken, maar later werd een weg aangelegd en nu wordt het water met bussen aangevoerd’.

De mijnwerkers gebruiken kwik en cyanide om het opgedolven goud te bewerken, omdat het niet mogelijk is om te werken met water en gravimetrische methodes om het zuivere goud uit het erts te halen. De coöperatie heeft zijn eigen verwerkingsinstallatie gebouwd, waardoor het erts nu efficiënter kan worden verwerkt tot goud van een betere kwaliteit dat ook een betere prijs oplevert. De chemicaliën worden enkel gebruikt door geschoolde werknemers.

Mijnbouw kan de lokale watervoorraden uitputten en vervuilen als die niet goed worden beheerd in samenspraak met de plaatselijke gemeenschap. Ze moeten ervoor zorgen dat het afvalwater uit de verwerkingsinstallatie veilig wordt afgevoerd en geneutraliseerd door de giftige stoffen eruit te halen. Het bedrijf heeft zijn milieu-impact verkleind en doordat het bedrijf veel minder erts per ons goud verwerkt dan de grootschalige mijnbouw, is zijn impact op de grond ook veel kleiner. Dankzij het gebruik van technologie om de vervuiling onder controle te houden en een goed milieubeheer zijn aanzienlijke verbeteringen mogelijk geweest. Fairtrade stelt milieueisen om het gebruik van giftige stoffen te beheren, te beperken en te matigen, om de uitstoot van stof in de lucht en het afvloeien van slib in de waterlopen te beperken, een goed waterbeheer te verzekeren, de ecologische herstelprocessen te bevorderen, waaronder ook de bescherming van de biodiversiteit, en daarbij ook rekening te houden met de menselijke en kapitaalmiddelen op korte en langere termijn. De Fairtrade premie kan hier worden geïnvesteerd om milieuvriendelijker verwerkingstechnieken in te voeren en te werken aan een beter milieu voor de mijnwerkers, hun families en gemeenschappen, en ook voor de lokale flora en fauna.

De vrouwengroep

Hoewel er geen vrouwen werkzaam zijn in de mijn zelf, werken zij wel daarbuiten bij het sorteren van het erts voor de verwerking. Dat wil zeggen dat zij de stukken selecteert die goud bevatten met een werktuig dat een ‘manito’ (kleine hand) wordt genoemd. Die stukken erts worden dan aan de coöperatie verkocht, waarna het bedrijf ze verwerkt en doorverkoopt. Honderden vrouwen werken in ploegen en verdelen aan het einde van de maand de inkomsten die ze hebben verdiend. De vrouwen zijn allemaal lid van de vrouwenvereniging ‘Pallaqueras’ (ertsensorteersters), die werd opgericht om een oplossing te vinden voor de nood om ploegenwerk te organiseren dat vrouwen en alleenstaande moeders de kans biedt om veilig en georganiseerd werk te doen. Er zijn twee groepen die elke dag werken van 14.00 tot 18.00 uur en zo het werk kunnen combineren met de zorg voor de kinderen en huishoudelijke taken.

Via Fairtrade hebben de vrouwen ook andere mijnwerksters leren kennen in Zuid-Amerika en hebben ze een vorming gekregen over veiligheid en gezondheid op het werk. Dit netwerk biedt steun en heeft de vrouwen geïnspireerd om een crèche op te richten, zodat de zorg voor de kinderen kan worden gedeeld en de vrouwen kunnen gaan werken zonder dat ze hun kinderen hoeven mee te nemen naar de mijnsite.

Projecten dankzij de Fairtrade premie

De mijnorganisaties waar Fairtrade mee samenwerkt ervaren meteen na toetreding tot het Fairtrade systeem de voordelen ervan, vooral op het gebied van veiligheid en gezondheid en een democratische organisatie. Zoals een arbeider stelt: ‘Er is zoveel veranderd sinds we onszelf hebben georganiseerd tot een bedrijf.’ Maar met de wereldwijde start van Fairtrade goudproducten begin 2011 konden zij hun goud verhandelen en kregen ze de Fairtrade minimumprijs en een Fairtrade premie. ‘Vroeger ontgonnen we het goud en verkochten we het aan een tussenpersoon die ons ervoor betaalde en het goud doorverkocht aan iemand anders, enzovoort, tot het werd uitgevoerd. Maar nu, sinds de komst van Fairtrade om ons te steunen, krijgen we al een betere prijs en de mensen kunnen ons niet zo gemakkelijk meer bedriegen’.

Zo zijn er gemeenschappen die een peutertuin opgerichtten, waardoor de kinderen dus niet enkel toegang hebben tot onderwijs maar ook een veilige plaats waar voor hen wordt gezorgd terwijl hun ouders aan het werken zijn. Met het geld van de Fairtrade premie willen de leerkrachten nu iemand aanwerven om het gebouw te onderhouden en te zorgen voor een zekere watervoorziening voor de kinderen. Naarmate het aantal kinderen toeneemt, moeten er ook meer leerkrachten worden aangeworven. Een moeder getuigt: ‘Ik ben niet volledig gelukkig met de toestand van de crèche. Ik zou nog meer willen, zoals iemand die is opgeleid in kinderverzorging, zodat we niet zelf voor de kinderen hoeven te zorgen. Toen ik trouwde, hoopte ik dat ik mijn kinderen een beter leven en onderwijs en de kans om naar de universiteit te gaan zou kunnen bieden… de peutertuin en de crèche maken die kansen mogelijk voor mijn kinderen’.

Ze hoopt dat de Fairtrade premie zal worden gebruikt om workshops te organiseren waar vrouwen vaardigheden kunnen leren die niet met de mijnbouw te maken hebben, zoals kleding maken en om naaimachines te kopen om betere zakken voor het erts te kunnen maken. ‘Er zijn al heel wat verbeteringen doorgevoerd in onze gemeenschap, maar ons grote doel is om elektriciteitspalen te kunnen plaatsen. Als we ons goud via Fairtrade verkopen, zullen we de premie krijgen en dit zal een grote hulp betekenen voor de hele gemeenschap’.

Delen