Fairtrade katoen: getuigenis

PRATIMA ORGANIC GROWER GROUP

Pratima Organic Grower Group (Biologische kwekersgroep Pratima) is een vereniging van 2.000 katoenboeren uit het district Balangir in de deelstaat Odisha in Oost-India. Balangir is vooral een landbouwdistrict. Meer dan 70 procent van de bevolking is voor zijn inkomen afhankelijk van de landbouw. Het district staat bekend om zijn extreme armoede, want meer dan 62 procent van de gezinnen leeft onder de armoedegrens (officiële schatting 2001).

Het gebied kent extreme temperaturen, gaande van 5°C tot 49°C, en een gemiddelde neerslag van ongeveer 1.200 mm, die onregelmatig valt en ongelijk verdeeld is. De boeren hebben geen toegang tot irrigatie en door de onbetrouwbare neerslag en mislukte oogsten zijn velen gedwongen om weg te trekken en elders seizoenarbeid te verrichten.

De meeste boeren moeten leningen aangaan bij lokale katoenhandelaren /geldschieters tegen buitensporige interestvoeten – tot 100 procent als ze contant geld willen en 30 procent wanneer juwelen of grond in onderpand worden gegeven. Bovendien worden zij nog verder uitgebuit door die handelaars, die sjoemelen met het gewicht van de oogst en de boeren een te lage prijs betalen wanneer zij hun katoen aan hen verkopen om hun lening af te betalen.

Pratima Agro and Paper Ltd heeft een ontpittingsfabriek en werkt met 4.000 boeren uit meer dan honderd dorpen in de contractteelt van biologische katoen. Het bedrijf biedt diensten zoals de prefinanciering van zaaigoed en inputs, waardoor de boeren geen beroep hoeven te doen op de lokale handelaars. Het bedrijf begon in 2007 samen te werken met de boeren van Balangir en organiseerde hen eerst in zelfhulpgroepen in de dorpen. In 2010 verwierven de boeren de Fairtrade certificering, waarbij het bedrijf optrad als promotor, die de boeren ondersteunde om zich beter te organiseren met het doel om uiteindelijk zelf de Fairtrade certificering te verwerven.

Minder dan vier jaar later is de Pratima Organic Grower Group de tweede organisatie van Fairtrade katoenkwekers in India die overstapt van contractteelt op een volwaardige organisatie van kleine producenten die in handen is van de boeren.

Pravakar Meher, de directeur van het Pratimaproject, legt uit wat Fairtrade betekent voor de leden:

"Het interessantste aspect van Fairtrade voor de boeren is leiderschap en eigenaarschap. Zij dromen ervan om hun eigen organisatie in handen te nemen en daarvoor de volledige verantwoordelijkheid te dragen. Deze droom lijkt waarheid te worden."

"We werken nu drieënhalf jaar volgens de regels van Fairtrade. Normaal voorziet Fairtrade zes jaar voor de overstap van contractteelt naar een organisatie van kleine producenten. Wij hadden daar maar drieënhalf jaar voor nodig."

"Het is fantastisch om deel uit te maken van Fairtrade. De kwekers waarderen dit echt. We geven de overheid een voorbeeld dat ze zou kunnen navolgen. We verzekeren een minimumprijs die een heel belangrijke ondersteuning vormt, maar de regering is er nog niet in geslaagd om die in te voeren."

"Op dit moment hebben we een ‘kharif’-teelt, wat betekent dat de teelt afhankelijk is van de regen, waardoor we maar één keer per jaar katoen kunnen oogsten, tijdens het regenseizoen. De kwekers hebben maar heel beperkte middelen en velen van hen hebben geen andere bron van inkomsten."

"We hebben nu plannen voor waterprojecten, waarbij we druppelirrigatie op de katoenvelden voorzien met plastic buizen. Op die manier kunnen de boeren een tweede keer oogsten en kunnen we vermijden dat boeren uit de streek wegtrekken. Mijn boodschap aan de consumenten: koop meer Fairtrade, zodat we ons beter kunnen ontwikkelen!"

De leden van Pratima hebben de Fairtrade premie geïnvesteerd in de bouw van opslagplaatsen die ook worden gebruikt als gemeenschapscentra, in de aanleg van dorpsvijvers om te voorzien in de waterbehoeften van de gemeenschap, in de aankoop en verdeling van ggo-vrij zaaigoed, de aankoop van tractoren en het aanbieden van studiebeurzen. De premie wordt momenteel bestemd voor het opzetten van een verwerkingseenheid voor peulvruchten, waar de dorpelingen dal en andere peulvruchten kunnen malen om ermee te koken. Daardoor zal het niet meer nodig zijn om de dal naar een andere stad te brengen waar er een molen is en kunnen de dorpelingen veel tijd en geld besparen.

"We werken nu al drieënhalf jaar volgens de regels van Fairtrade. Normaal voorziet Fairtrade zes jaar voor de overstap van contractteelt naar een organisatie van kleine producenten. Wij hadden daar maar drieënhalf jaar voor nodig."

Commodity Briefing: Katoen I Fairtrade Foundation, januari 2015

Delen